zondag 9 juli 2017

Tiendaagse Veldtocht, op Hollandse klompen of oranje gekleurd?

In Het verlies van België. De strijd tussen de Nederlandse koning en de Belgische revolutionairen in 1830 noemde de Belgische auteur Johan Op de Beeck het hoofdstuk over de Tiendaagse Veltocht 'Oorlog op klompen'. In eerste instantie dacht ik dat er de Nederlanders, ofwel de Hollanders, mee werden aangeduid. Het bleek echter om de Belgen te gaan.

Toen de Nederlanders België binnenvielen, hadden zij al een eigen koning geïnstalleerd. Deze had echter niet gerekend op alsnog een inval van Koning Willem I. De grensbewoners schrokken zich een hoedje, zo schrijft Op de Beeck. 'De vrouwen zetten hun melkkruiken op de grond en de mannen lieten de pijp even voor wat die was,' zo geeft de auteur een mooie schets van het dagelijks leven. Willem I had niet eens gewaarschuwd dat hij België zou binnenvallen. Wel had hij gezegd dat wanneer Leopold de troon zou aanvaarden, hij dat als een vijandige daad zou beschouwen. Dat dreigement maakte volgens Op de Beeck geen indruk. In Brussel werd gesteld dat 'enige soldaten op klompen' die voorzien waren van stokken, genoeg zou zijn om de Hollanders te overwinnen.

De Nederlanders daarentegen hadden zich maandenlang voorbereid. Vrijwilligers en schutterijen waren opgeroepen en richting België gegaan. Volgens Op de Beeck was niet duidelijk wat nou precies het hoofddoel was. België terugveroveren was nauwelijks een optie. Boven de Moerdijk zou België verwenst en vervloekt worden. Op de Beeck stelt dat de nadruk lag op het eerherstel. De eer van de natie moest gered, en het veelbezongen vaderland met Van Speijk als recente held, moest verdedigd worden.

Het Belgische leger streed wellicht niet zozeer op klompen, maar was allesbehalve professioneel te noemen. Was de getalsterkte een van de problemen, daarnaast was ook de kwaliteit niet opperbest. Het leger was volgens Op de Beeck in grote haast samengesteld. Er werden snelle promoties en bliksemcarrières gemaakt vanuit de lagere rangen. Budget was er nauwelijks vrijgemaakt voor een strijdbaar leger en in vier maanden tijd kwam er drie keer een nieuwe minister van Oorlog.

Tafereel Tiendaagse Veldtocht
Wouter Verschuur (Amsterdam 1812- Vorden 1874)
Collectie Rijksmuseum Amsterdam
De Nederlanders mochten dan beter geoutilleerd zijn dan hun zuidelijke vijand, ook zij waren niet optimaal uitgerust, letterlijk genomen. De Tiendaagse vond plaats in de eerste dagen van augustus en het was ontzettend warm. 's Nachts was het echter vochtig en kil in de moerassige gebieden waar hun kampementen waren opgeslagen. Overdag steeg de temperatuur tot boven de dertig graden en eten en drinken waren weinig voorhanden.

De Tiendaagse Veldtocht was in alle opzichten een ongelijke strijd. Het duurde drie volle dagen voordat koning Leopold in de gaten had dat de Nederlandse hoofdmacht niet bij Antwerpen was, maar meer in het oosten van België. Toen de Nederlanders Hasselt wilden aanvallen met Prins Willem van Oranje als leider, waren de tegenstanders onder leiding van de Belgische generaal Daine, al verdwenen. In de achtervolging op de gevluchte Belgen vonden de Nederlanders afgeworpen ransels en geweren, waardoor zij zich sneller uit de voeten hadden gemaakt. Opvallender was echter de vondst van oranjekleurige officierssjerpen, afkomstig van Belgische officieren die zich stiekem hadden voorbereid op wellicht een overgave aan het Nederlandse leger. De Tiendaagse Veldtocht was dan niet een oorlog op Hollandse klompen, maar had hier en daar toch een oranje tintje.

Bron: 'Oorlog op klompen' in Johan Op de Beeck, Het verlies van België. De strijd tussen de Nederlandse koning en de Belgische revolutionairen in 1830 (Antwerpen, 2015) pp. 397-413.

Auteur: Petra Robben, MA-student Open Universiteit, doet onderzoek naar uitingen van nationalisme bij Nederland en België rondom de Tiendaagse Veldtocht in 1831. Daarnaast is Petra Robben beheerder van de stadscollectie bij Stadsmuseum Tilburg.

dinsdag 4 juli 2017

Oorkonde: Hulde aan Koning Willem II 'den eedlen Vorst, den wakkren Held'

Oorkonde, Stadscollectie Tilburg
In de Stadscollectie Tilburg bevindt zich een fraai huldeblijk op perkament ter nagedachtenis aan koning Willem II en de Tiendaagse Veldtocht door de vereniging Het Metalen Kruis uit 1855. Deze oorkonde is in 1966 aan het toenmalige Gemeentearchief Tilburg geschonken door F.W.G. Théonville uit Utrecht en is 85,6 cm hoog en 68,8 cm breed. De in pen op perkament vervaardigde oorkonde werd ontworpen en gekalligrafeerd door G. Eduard Meijer (1824-1859).

De tekst luidt: ‘HULDE / aan de / NAGEDACHTENIS / VAN / NEERLANDSCH RIDDERLIJKEN KONING / Z.M. WILLEM II [In de belettering aangebracht: ‘ANNA PAULOWNA’] / als / HERINNERING / AAN DE JAREN /1830 en 1831.’

Deze opdracht is omgeven door een zeer weelderig lijstwerk, met onder meer aan de bovenzijde een portretmedaillon van Willem II, geflankeerd door personificaties van Gerechtigheid en Edelmoedigheid; afhangend onder het medaillon het Metalen Kruis. Voorts een overvloed aan rankwerk, trofeeën, door putti opgehouden etc. In het midden van het basement van het lijstwerk het Koninkrijkswapen in een stralenbundel. Voorts vier kleine cartouches met enige personalia omtrent Willem II en twee grote cartouches, vermeldend het beschermheerschap en voorzitterschap en het bestuur van de vereniging.

Onder de opdracht een gedicht van zeven regels van Tollens, geflankeerd door voor- en achterzijde van het Metalen Kruis:

'Den eedlen Vorst, den wakkren Held, / Ten troon bemind, gevreesd in ’t veld, / ’s Lands hoogmoed al zijn levensdagen, / Den luister van zijn roemrijk huis, / Dien we ons te vroeg ontnomen zagen - / Hem, zij dees kunstproef opgedragen, / Als hulde van ’t Metalen Kruis. / H. TOLLENS Cz’.

Op dezelfde hoogte twee cartouches, verwerkt in het lijstwerk vermeldend de oprichting en oprichters van de vereniging. De vereniging Het Metalen Kruis werd opgericht te Amsterdam, 19 april 1853. Het jaar van vervaardiging van de perkamenten oorkonde valt juist vóór de oprichting van het Nationale Monument op de Dam in Amsterdam ter herdenking van de Tiendaagse Veldtocht en houdt waarschijnlijk rechtstreeks verband met de aanstaande onthulling daarvan.

Auteur: Ronald Peeters, voormalig hoofd Stadsmuseum Tilburg, beschreef de collectie prenten van Stadsmuseum Tilburg. In die collectie bevindt zich bovenstaande oorkonde met als inv. nr. SMT 00724.

zondag 2 juli 2017

Metalen kruis: voor elke militaire operatie een onderscheiding.

Er werd door Koning Willem I bij Koninklijk Besluit no. 70 van 12 september 1831 ingesteld  dat allen die in het leger of de Koninklijke Marine aan de krijgsverrichtingen in de jaren 1830 en 1831 hebben deelgenomen, dus ook aan de deelnemers van de Tiendaagse Veldtocht, een onderscheiding werd uitgereikt. Dit is het Metalen Kruis 1830-1831 ook wel Hasseltkruis genoemd. Het brons waarvan de onderscheidingen gemaakt zijn is afkomstig van een aantal kanonnen die buit gemaakt zijn op 8 augustus 1831 tijdens de slag om Hasselt.

Metalen Kruis, Stadscollectie Tilburg
In de loop van 1832 wordt het ereteken tijdens verschillende bijeenkomsten uitgereikt. De toespraken bij deze bijeenkomsten bevatten  de woorden 'trouw aan vaderland en koning' en 'ijver, moed en dapperheid' veelvuldig.
Is er op 28 september 1831 nog een ingezonden brief te vinden in de Bredasche Courant waarin iemand zich hardop afvraagt wat er bedoeld wordt met krijgsverrichtingen en of er wel kritisch gekeken gaat worden naar gedragingen en het zich onttrekken aan voorwaartse bewegingen van het leger.

Latere vermelding in kranten zijn alleen maar lovend, het betreft  het de oprichten van een landelijke vereniging 'Het metalen kruis' die afdelingen in het hele land heeft of beschrijven de bijeenkomsten die de verschillende afdelingen organiseren.Uit de krantenartikelen kun je opmaken dat de bijeenkomsten een  kameraadschappelijk karakter hebben. Meer dan eens wordt er een heildronk op koning en vaderland uitgebracht. De dragers van de onderscheiding  worden in artikelen ook wel Metalen Kruis-ridders genoemd. Opvallend is dat deze benaming pas vanaf de jaren 50 van de 19e eeuw in zwang komt.
Vooraankondiging in 'de Zuid-Willemsvaart 2-8-1884
bron: Delpher.nl

Op zondag 17 augustus 1884 is er een bijeenkomst in Tilburg waar dragers van het Metalen Kruis uit het hele land samenkomen. De Nieuwe Tilburgse Courant doet hier uitgebreid verslag van in de zondageditie een week later.
In september 1893 is er nogmaals een bijeenkomst in Tilburg. Deze keer zijn er ook dragers  van de Citadel medaille en het Kruis van Moed , Beleid en Trouw ( Militaire Willems-orde). Maar volgens de Provinciale Noordbrabantsche en 's Hertogenbosche courant mag dit als de laatste bijeenkomst van de oud-strijders beschouwd worden.
Ruim 60 jaren wordt op deze manier de herinnering aan o.a. de  Tiendaagse Veldtocht levend gehouden.

zaterdag 24 juni 2017

Ondanks Belgische onafhankelijkheid toch nog een tiendaagse veldtocht

J.Jelgerhuis Rienkz, Slag bij Ravels, Stadscollectie Tilburg
De Tiendaagse Veldtocht, die plaatsvond van 2 tot en met 12 augustus is 1831, is een vrij onbekend begrip. Het was een inval van het Nederlandse leger in het zuiderland België, omdat deze zich afgescheiden had van het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden. De opdrachtgever voor de inval was koning Willem I. Peter Rietbergen en Tom Verschaffel, auteurs van 'Broedertwist. België en Nederland en de erfenis van 1830' schrijven ook over de Tiendaagse Veldtocht.

De inval vanuit Nederland kwam eigenlijk als mosterd na de maaltijd. Bijna een jaar eerder, op 4 oktober 1830, werd immers de onafhankelijkheid van België al uitgeroepen. In de zomer van 1831 kreeg België zelfs een eigen koning die op 21 juli werd ingehuldigd. Koning Willem I legde zich er niet bij neer en in plaats van ontwapenen, stelde hij een nieuw leger samen. Vanuit verontwaardiging evenals een enthousiasme, vooral vanuit het Noorden, meldde zich een groot aantal vrijwilligers. Zo waren er studenten, dichters en dominees die te veld trokken om de Belgen mores te leren.

Aan de grens onder Breda en Eindhoven waren al enkele maanden de legers in gereedheid gebracht. De veldslag begon bij Turnhout, Baarle-Hertog en Ravels. ‘De slag bij Ravels’ werd volgens Rietbergen en Verschaffel bruikbaar in de nationale propaganda vanwege de actieve deelname van de kroonpins Willem en prins Frederik. In de buurt van Antwerpen waren gevechten omdat de bevoorrading van het Nederlandse leger daar veilig gesteld moest worden. Er vielen slachtoffers onder de Belgen, die door hen als ‘slachtpartij’ in de Belgische propaganda werd voorgesteld. Andere plaatsen die betrokken werden bij de Tiendaagse Veldtocht waren Geel, Diest, Beringen en Hasselt. De slag bij Ravels, de slag bij Hasselt, volgens Verschaffel en Rietbergen nauwelijks ‘slagen’ te noemen. Veeleer was het een reeks van warrige schermutselingen. De Belgen boden immers weinig weerstand. 
J.W. Pieneman, De overgave bij Hasselt. Stadscollectie Tilburg
In Leuven werd de strijd beëindigd. Al vanaf 9 augustus was er een Franse interventie waar noch koning Willem I en de regering geen oorlog mee wilden hebben. Het Franse leger werd door de Belgische bevolking met enthousiasme onthaald. Kroonprins Willem, aanvoerder van het Nederlandse leger, beloofde Leuven te sparen als de Belgische soldaten zich zouden terugtrekken. Bij wijze van eer mocht prins Willem mocht zelfs een triomfantelijke intocht in Leuven houden. Een week later werd hij in Dan Haag en Amsterdam als een held onthaald.

De oorlog, die slechts tien dagen duurde, was voorbij. Aan de Nederlandse kant waren er 130 soldaten gesneuveld. Vanuit Nederlands perspectief was de veldtocht als een militair succes te beschouwen, volgens Rietveld en Verschaffel. België had nauwelijks een leger en bood weinig weerstand volgens beide auteurs. Naast enthousiasme in eigen land had de veldslag echter niet veel opgeleverd. Limburg werd weliswaar aan Nederland toegewezen en Luxemburg werd verdeeld onder België en Nederland.

Na deze Tiendaagse Veldtocht en de definitieve afscheiding van België, ondervond koning Willem I steun en was er een nationalistische reflex van de Nederlanders. Om het verlies van België werd niet al te zeer getreurd. Sterker nog, de stemming was behoorlijk anti-Belgisch. België zelf viel volgens de auteurs ten prooi aan een golf van enthousiasme en vaderlandsliefde.

Auteur: Petra Robben, MA-student Open Universiteit, doet onderzoek naar uitingen van nationalisme bij Nederland en België rondom de Tiendaagse Veldtocht in 1831. Daarnaast is Petra Robben beheerder van de stadscollectie bij Stadsmuseum Tilburg.

vrijdag 23 juni 2017

Nationale gevoelens bij Tiendaagse Veldtocht 1831?

Het Verenigd Koninkrijk 1815-1830
Bron Wikipedia.org
In hoeverre waren er overeenkomsten en verschillen tussen de nationale gevoelens bij België en Nederland rondom de Tiendaagse Veldtocht in 1831? zo luidt mijn onderzoekvraag voor een paper in de Masteropleiding van de Open Universiteit.

Ik ga een vergelijking maken tussen België en Nederland aan de hand van egodocumenten, krantenartikelen en gelegenheidsgeschriften. Aan het einde van deze zomermaanden wil ik het klaar hebben. Mooi zou zijn als ik met mijn werkstuk synchroon loop met de periode 2 tot en met 12 augustus, de tien dagen waarop Nederlandse legeronderdelen de onafhankelijkheid van België bestreden.

Koning Willem I kreeg in 1815 de opdracht om België, Nederland en Luxemburg tot één verenigd koninkrijk te maken: een eenheidsstaat als buffer tegen andere Europese mogendheden. Tot aan 1830 hield het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden stand. Toen waren de Belgen het zat: ze wilden zich afscheiden vanwege onder andere de door de Hollandse koning opgelegde religie en eenheidstaal. De Belgen vochten voor hun onafhankelijkheid gedurende het najaar van 1830 en het voorjaar van 1831. Hun inzet werd al snel beloond: ze kregen hun eigen koning Leopold in juli 1831.

Mijn onderzoek ben ik begonnen met twee kranten in de periode van medio juli tot en met eind augustus 1831. Ik heb gekozen voor de landelijke Nederlandsche Staatscourant en de provinciale Noord-Brabander. Deze doorzoek ik op termen Belg, vaderland, natie, nationalisme, vlaggen en feest. Het is leuk werk en het levert al aardig wat informatie op waarmee ik de hoofdvraag van mijn onderzoek kan beantwoorden.

Zo voelden de Belgen voelden zich verbonden met hun nieuwe koning, die zij beschouwden als de 'uitverkorene der natie'. De nationale vlaggen gingen uit, zo blijkt uit de Noord-Brabander van 20 juli 1831. Bij de intocht van de kersverse koning werden vaderlandse liederen gezongen en wapperden de nationale vlaggen , schrijft de Noord-Brabander van 23 juli. Uit de Nederlandsche Staatscourant van 21 juli blijkt dat de grenzen van België en Nederland opnieuw bepaald werden, waarmee Koning Willem I van Holland het allesbehalve eens was.

Koning Willem I regeerde van 1813 tot 1839
Bron Wikipedia.org
Dat ook Noord-Brabanders werden opgeroepen een bijdrage te leveren aan het vaderland, blijkt uit de kranten van 23 en 25 juli. Er zou een tentoonstelling worden samengesteld waarin de Noordbrabanders giften konden doen. Ondanks dat ze veel geleden hadden in de roerige afgelopen jaren, hoopte de staat dat ze een offer wilden brengen ten dienste van het vaderland.

Op 26 juli is te lezen in de nationale staatskrant dat de nieuwe koning van België was ingehuldigd. De nationale onafhankelijkheid moest geluk brengen aan het Belgische volk. De koning hoopte op rust voor de Belgen. Er waren immers al vele opofferingen geweest. 'In plaats van zelf een Belg te worden, had Willem I ons tot Hollanders willen maken, zo luidde de beschuldiging van koning Leopold. De koning van het inmiddels onverenigde koninkrijk had aan het eind van de maand juli nog altijd bezwaren.

Hoewel ik pas enkele kranten heb bekeken, lijkt het erop dat er in zowel België als Nederland al wel gevoelens van vaderlandsliefde en zelfbewustzijn ten aanzien van de eigen natie waren.


Auteur: Petra Robben, MA-student Open Universiteit, doet onderzoek naar uitingen van nationalisme bij Nederland en België rondom de Tiendaagse Veldtocht in 1831. Daarnaast is zij beheerder van de stadscollectie bij Stadsmuseum Tilburg.